Gijs van der Meer (Velison Wonen): Voorbereid zijn op klimaatverandering begint bij inzicht

Geplaatst door CorporatieMedia op
 

Extremer weer, hittestress en wateroverlast maken klimaatverandering steeds concreter voor woningcorporaties. De vraag is allang niet meer óf deze ontwikkelingen impact hebben op de woningvoorraad, maar hoe je die risico’s tijdig en structureel in beeld krijgt. Velison Wonen startte daarom met het analyseren van klimaatrisico’s op zowel gebouw- als portefeuilleniveau, om beter voorbereid te zijn op wat er nu en in de toekomst op hen afkomt. CorporatieGids.nl sprak met Beleidsadviseur Duurzaamheid Gijs van der Meer over hoe zij deze stap zetten, welke uitdagingen ze daarbij tegenkomen en wat dit betekent voor beleid en vastgoedsturing.

Twee jaar geleden kwam klimaatproblematiek steeds prominenter op de agenda te staan, begint Gijs het gesprek. “Je zag dat er landelijk meer aandacht kwam voor funderingsproblematiek, wateroverlast en hittestress. Onze gemeente heeft destijds ook onderzoek gedaan en daar kwam uit dat IJmuiden vooral voor wateroverlast en hittestress gevoelig is. Echter hadden we als Velison Wonen onvoldoende zicht op hoe deze risico’s zich uiten in ons bezit. We wilden meer weten over waar we staan en welke maatregelen we kunnen nemen, en daarom zijn we gestart met het in kaart brengen van onze klimaatrisico’s.”

Klimaatrisico’s
Niet ieder gebouw heeft in dezelfde mate last van klimaatrisico’s, gaat Gijs verder: “Onze huurders mogen bijvoorbeeld zelf airco’s of zonneweringen aanbrengen waardoor het risico op hittestress afneemt. Een thema als wateroverlast is daarnaast weer afhankelijk van omgevingsfactoren. Ligt het gebouw bijvoorbeeld lagergelegen waardoor water makkelijk een kelder in kan lopen en wellicht installaties overstromen? Of blijft het bij ondergelopen tuinen en achterpaden, wat vervelend is maar niet direct heel schadelijk? We kijken daarom naar de risico’s en splitsen de maatregelen op de thema’s gebied, gebouw én gedrag, waardoor ook duidelijk moet worden of het iets is wat wij – eventueel samen met partners – moeten oppakken, of waar de huurder zelf wat aan kan doen.”

Framework
Velison Wonen zit momenteel middenin die nulmeting: “We maken hierbij gebruik van het ‘Framework for Climate Adaptive Buildings’. Dit helpt ons de klimaatrisico’s duidelijk in beeld te brengen. Hierbij werken we nauw samen met Bryder. We werkten al samen rond het beheer van vastgoeddata, maar uit gesprekken bleek dat ze ons ook kunnen helpen met het in kaart brengen van klimaatrisico’s. Vanwege de continuïteit is het belangrijk dat dit niet iets is wat je in Excel bijhoudt, maar een systeem dat ervoor geschikt is. Data moet daarnaast makkelijk terug te vinden én te ontsluiten zijn, en Bryder levert dat. Samen proberen we nu de standaard onderdelen vanuit de methodiek te verwerken in Bryder. Soms vraagt dat om data die we nu nog niet opslaan, maar vaak is het ook data die we al hebben. Uiteindelijk volgt hieruit een ‘omgevingsscore’ per klimaatrisico – zoals hittestress of wateroverlast bij hevige buien -, een gebouwscore én een klimaatrisicoscore waarbij deze uitkomsten worden gecombineerd.”

Deze scores worden vervolgens op een kaart gevisualiseerd: “Zo wordt het gebied overzichtelijk in beeld gebracht, met de algehele bebouwing, onze eigen complexen én de score die ons bezit heeft per risico. Dat geeft voer om in gesprek te gaan met partners en binnen de eigen organisatie om betere keuzes te maken rond de verbetering van ons bezit.”

Integraal beeld
Naast gebouwdata wil Velison Wonen deze gegevens ook combineren met andere input, legt Gijs uit: “Denk aan de binnenkomende reparatieverzoeken, klachten of feedback van huurders of informatie over leefbaarheid in de wijk. Stel dat je een complex hebt dat veel last heeft van hittestress, dan zullen huurders meer naar buiten gaan. Dat heeft weer invloed op leefbaarheid, en als je ziet dat hierdoor problemen ontstaan, kan dat reden zijn om hier eerder op te acteren.”

Gerichte keuzes
Voor Gijs staat vast dat klimaatrisico’s een steeds grotere rol gaan spelen in de vastgoedsturing, maar dat dit niet van de ene op de andere dag volledig is ingericht. “De eerste stap hebben we gezet, maar de volgende vraagt veel. In de komende periode willen we de analyse afronden en de risico’s organisatiebreed delen, om bewustwording te creëren en ervaringen van huurders beter te kunnen duiden. Dat vormt de basis om te bepalen welke maatregelen nodig zijn en wie daarin aan zet is: de corporatie zelf, de huurder of partners zoals gemeenten en waterschappen. Daarbij is niet alles direct oplosbaar, maar het inzicht helpt wel om gerichter keuzes te maken.”

Bron: CorporatieMedia, Foto: Velison Wonen