Column: Het is nu of nooit voor wonen

Geplaatst door CorporatieMedia op
 

Witte rook, een nieuwe regering! Vol verwachting slaan we als corporatiebestuurders het regeerakkoord open. Bouwen aan een beter Nederland – het klinkt hoopvol. Wonen staat erin. De opgave wordt erkend. We krijgen een voormalig generaal als verantwoordelijk minister. De woorden zijn precies goed gekozen. Alleen: er staat (nog) geen concrete euro tegenover.

En wie dagelijks verantwoordelijk is voor woningen, buurten en duizenden woningzoekenden weet inmiddels één ding zeker: zonder geld worden beloften geen huizen, maar verwachtingen die we niet kunnen waarmaken.

Jesse Frederiks zei het in zijn Aedes-lezing glashelder: corporaties bouwen geen betaalbare woningen. We bouwen dure woningen die we goedkoop verhuren. Dat is geen frame, dat is onze realiteit. De kosten van bouwen, verduurzamen en onderhouden zijn hoog. De huren zijn bewust laag. Precies dát is de publieke waarde van corporaties. Maar die waarde kan alleen bestaan als er ook een structureel eerlijke financiering onder ligt.

De onlangs verschenen Staat van de Corporatiesector is daar onverbiddelijk over: Rijk en corporaties moeten robuuste, structurele maatregelen treffen om weer balans te krijgen tussen opgaven en middelen. En ja, dat vraagt ingrijpende keuzes.

Iedereen weet dat. Maar niemand durft ze echt te maken.

Jarenlang zijn huren gebruikt als inkomensinstrument voor de rijksbegroting. Ondertussen liepen kosten en huren steeds verder uit elkaar. We hebben ons bezit versneld verduurzaamd – sneller dan veel particuliere verhuurders en eigenaar-bewoners – terwijl datzelfde bezit vaak ouder en complexer is. En nu zetten we met de huidige Nationale Prestatieafspraken zelfs koers op een verdere daling van het aandeel sociale huur.

Dat is geen ongeluk. Dat is beleid.

Het wrange is dat wij tegelijkertijd van de Autoriteit woningcorporaties het signaal krijgen om vooral door te gaan. Blijf plannen maken. Blijf bouwen. Blijf verduurzamen. Blijf investeren in leefbaarheid. Ook in afwachting van de herijking van de afspraken. Met andere woorden: doe alles wat nodig is, terwijl de financiële ruimte daarvoor structureel ontbreekt.

Dat schuurt. Niet omdat wij onze verantwoordelijkheid niet willen nemen. Integendeel. Maar omdat we weten dat je een systeem niet overeind houdt op goede bedoelingen alleen.

De Aedes-lezing heette niet voor niets ‘De waarde van wonen’. Waardevolle dingen bescherm je. En wie die bescherming jarenlang afbouwt, krijgt de rekening later gepresenteerd. We hebben dat bij Defensie gezien. Na jaren bezuinigen ontdekten we dat er nog wel tanks waren, maar geen inzetbare capaciteit. En geen munitie. De correctie kwam ineens. Negentien miljard. In één beweging.

In de volkshuisvesting bouwen we nu net zo onzichtbaar een tekort op. Volgens dezelfde Staat van de sector inmiddels twintig miljard. Daarmee zijn de huidige afspraken simpelweg onuitvoerbaar. Dat is geen opinie, dat is een constatering.

Voor woningzoekenden voelt dit allang niet meer abstract. Voor hen gaat het over perspectief. Over een woning vóór je veertigste. Over een wijk waar jonge mensen kunnen instromen. Over buurten die niet langzaam vergrijzen omdat starters en gezinnen geen plek meer vinden.

Een weerbare samenleving begint niet bij beleid, maar in de straat. In de portiek. In de buurt waar mensen elkaar kennen en blijven wonen.

Daarom moeten we nu kiezen. Niet voor nóg een nuance in het beleidskader. Maar voor wonen als noodzaak.

Bij het Korps Commandotroepen heet dat: Nunc aut nunquam.

Nu of nooit.

Want een beter Nederland bouw je niet met woorden. Je bouwt het met huizen.

Sander Heinsman is bestuursvoorzitter Portaal

Bron: CorporatieGids Magazine, Foto: CorporatieMedia