Bram Labega (Hef Wonen): De kracht van interactieve kaarten is het combineren van databronnen

Geplaatst door CorporatieMedia op
 

Woningcorporaties beschikken over steeds meer data, maar de echte uitdaging zit in het slim combineren en interpreteren ervan. Want cijfers over leefbaarheid, tevredenheid of overlast zeggen meer als je ze niet alleen naast elkaar legt, maar ook koppelt aan de plek waar ze spelen. Hef Wonen onderzoekt daarom hoe interactieve kaarten kunnen helpen om databronnen visueel samen te brengen en zo sneller patronen, verbanden en aandachtspunten zichtbaar te maken. Wat levert dat op voor analyses op complex- en buurtniveau en hoe helpt dit medewerkers om beter onderbouwde keuzes te maken? CorporatieGids Magazine sprak hierover met data-analist Bram Labega van Hef Wonen.

“Het begon allemaal met de vraag hoe we de aanwezige informatie kunnen gebruiken om te bepalen of we als corporatie de goede dingen doen,” opent Bram het gesprek. “Dus als we onderhoud of renovaties uitvoeren, willen we weten of die keuzes als positief worden ervaren door onze bewoners. Dit sluit aan bij ons koersplan waarin staat dat een doel voor 2033 is dat alle bewoners vol trots vertellen over hun huis en buurt. Daarbij hoort ook dat we technologie slim inzetten om onze keuzes beter te onderbouwen en sneller inzicht te krijgen in wat er speelt. Dan moeten we echter wel precies weten waar bewoners tevreden over zijn en waar zij tegenaan lopen. Wij onderzoeken dat iedere twee jaar met een enquête waarin we vragen stellen als: wat vinden bewoners van de kwaliteit van hun woning en hoe kijken zij naar hun buurt? Daarbij signaleren we ook welke onderwerpen vaker terugkomen, zoals vocht, veiligheid of overlast. Hun reacties maken het voor ons mogelijk om te bepalen of wij de juiste dingen doen. En door de enquêteresultaten te combineren met andere data zoals medewerkersscores, technische en omgevingsdata en te verwerken in interactieve kaarten, kunnen we niet alleen zien wat bewoners vinden, maar ook waar dat speelt en welke relatie er is met de omgeving.”

Datalagen
Op deze manier worden verschillende datalagen over elkaar heen gelegd. Bram legt uit: “Om bijvoorbeeld de leefbaarheid van een complex te analyseren, combineren we gegevens uit de bewonersenquête, scores van medewerkers en de Leefbaarometer. Deze laatste laat zien hoe prettig, veilig en goed een buurt is om in te wonen, op basis van onderwerpen zoals woningen, voorzieningen, de openbare ruimte, sociale samenhang en overlast. Door die lagen in de interactieve kaart over elkaar heen te leggen, zien we of die beelden met elkaar overeenkomen. Zegt de Leefbaarometer hetzelfde als wat bewoners ervaren? Komt de medewerkersscore overeen met wat we op complexniveau zien? En als bij één complex veel overlast wordt ervaren, zie je dat dan ook terug bij complexen in de directe omgeving?”

Techniek van visualiseren
De meerwaarde van interactieve kaarten zit dus met name in het zichtbaar maken van ruimtelijke verbanden. Hef Wonen werkt daarbij samen met Esri Nederland. Bram: “Zij hebben met GIS de techniek geleverd waardoor we nu verschillende databronnen kunnen samenbrengen op één interactieve kaart. De insteek van Esri Nederland is om data niet alleen als cijfers te bekijken, maar als informatie op locatie. Dat is voor ons belangrijk want dat maakt het mogelijk om patronen in buurten en complexen beter te herkennen, sneller te analyseren en efficiënter met collega’s te bespreken.”

“Voor Hef Wonen is de uitdaging vooral om alle beschikbare informatie goed bij elkaar te brengen. Vaak staan deze data verspreid over verschillende systemen waardoor het lastig is om snel verbanden te zien. Met GIS kunnen we die informatie nu op één plek bundelen en visueel maken. De interactieve kaarten helpen vooral om de juiste vragen te stellen omdat deze manier van werken signalen en mogelijke verbanden tussen data naar voren brengt. Omdat we net met deze technieken begonnen zijn, zijn we voorzichtig met conclusies trekken, maar het helpt wel om gerichter te onderzoeken.”

Seniorencomplex
Bram noemt het onderzoek naar de ligging van een seniorencomplex als concreet voorbeeld van wat nu wordt onderzocht: “We kunnen nu analyseren of de locatie van zo’n complex logisch is en kijken nu op een realistische manier naar hoe mensen de buurt echt gebruiken. Bijvoorbeeld door rekening te houden met voorzieningen als openbaar vervoer op loopafstand, gevaarlijke oversteekplaatsen en voldoende groen in de omgeving. Dan kijk je niet alleen naar afstand, maar ook naar bereikbaarheid en beleving. Dergelijke analyses zijn zonder interactieve kaarten lastig uit te voeren.”

Bewonersenquête 
De mening van de huurders vormt belangrijke input voor Hef Wonen. Bram: “Jaarlijks vragen we bewoners middels een enquête een cijfer te geven over diverse onderwerpen. Die cijfers kunnen nader worden verklaard met vooraf door ons bepaalde keywords. Als iemand een laag cijfer geeft en daarbij ‘vocht en schimmel’ aanklikt, geeft dat veel meer richting dan alleen een onvoldoende. Bij sommige vragen kunnen ook open toelichtingen worden gegeven. Op die manier combineren we kwantitatieve informatie, zoals cijfers, met kwalitatieve signalen, zoals keywords en toelichtingen. Daardoor kun je beter zien waar bewoners tevreden over zijn, waar zorgen zitten en welke onderwerpen vaker terugkomen per complex of gebied.” 

Respons 
De enquête is naar ongeveer een derde van de huurders verstuurd. “Een deel daarvan heeft de enquête volledig ingevuld,” zegt Bram. “Dat is waardevolle input, maar het geeft nog geen volledig beeld van alle huurders, iets waar we wel naar streven. Bovendien zien we dat meer ouderen reageren dan jongeren, met een mogelijk ongewenst vertekend beeld als gevolg. Dat is dus een aandachtspunt voor komende enquêtes. Een grote wens voor de toekomst is om de reacties van huurders te koppelen aan medewerkerservaringen en meer externe data, zodat we beter kunnen bepalen waar extra aandacht nodig is en of wat we doen ook echt iets oplevert voor onze huurders.”

Van en met elkaar leren
“Corporaties zouden veel meer rekening moeten houden met omgevingsfactoren,” sluit Bram af. “Woningen staan altijd in een omgeving met voorzieningen en omliggende complexen en die hebben nu eenmaal een grote invloed op hoe mensen wonen en hun mening daarover. Toch analyseren we als corporaties nog veel data zonder die omgeving echt goed mee te nemen en kijken we alleen naar ons eigen bezit. Terwijl er ook in de samenwerking tussen corporaties veel winst te behalen valt. Stel dat corporatie X en corporatie Y allebei bezit hebben in dezelfde buurt. Als huurders van de ene corporatie heel anders scoren dan huurders van de andere corporatie, dan is dat interessant om samen te onderzoeken waar dat aan ligt. Zo leren we van elkaar en zorgen we voor een maximaal tevreden huurder.”

Bron: CorporatieGids Magazine, Foto: Rhalda Jansen